Blog

De taal van bruggenbouwers of …

In wetenschappelijk onderzoek is overtuigend aangetoond dat taal onze waarneming en denken beïnvloedt. De meeste onderzoeken bestuderen de verschillen tussen talen. Maar ook binnen een taal is er een nauwe samenhang tussen woordkeuze, waarneming en beleving. In taal liggen aannames vast die de bril kleuren waardoor we kijken naar onszelf, naar anderen, naar de wereld om ons heen. Taal kleurt ook de betekenis die we toekennen aan onze ervaringen.

Mooi voorbeeld is een documentaire over een onderzoek naar overtuigingen over geluk. Hierin gaat het o.a. over een man die overtuigd was van het feit dat hij gewoon altijd pech had. Ze volgden hem een dag lang met een camera waarbij diverse ervaringen in scene waren gezet. Hij had een lekke band en een bekende Nederlander kwam langs en bood zijn hulp aan. Hij wimpelde het af want hij kon het zelf wel. Er lag een briefje van 50 euro op de grond en hij zag het niet. Zo ging het de dag door. Aan het einde van de dag lieten ze hem de film zien die zij die dag hadden gedraaid. Hij was stomverbaasd over alles wat hij niet had gezien. Hij realiseerde zich dat hij steeds naar zichzelf had gekeken als iemand met het stempel pechvogel en hij was hierin voortdurend bevestigd. Nu kon hij besluiten om het te laten vallen en met een andere bril naar zijn ervaringen te kijken.

De communicatie tussen mensen wordt ook sterk beïnvloed door de taal die men kiest. Taal kan bijdragen aan het overbruggen van tegenstellingen maar kan ook tegenstellingen aanscherpen.

Ik hoorde een gemeenteambtenaar spreken over de arena waarin de verschillende partijen in een stadsvernieuwingsgebied met elkaar aan de slag zullen gaan om hun belangen te realiseren. Als je in termen van arena denkt en praat dan kun je er zeker van zijn dat je krijgt wat je verwacht. Door taal te kiezen die uitgaat van tegenstellingen en van strijd die geleverd moet worden, is de kans op positieve en constructieve samenwerking klein. De politieke ‘arena’ is ook een goed voorbeeld van taal die gericht is op scoren en niet op de optimale oplossing van een maatschappelijk probleem.

Op het moment dat dezelfde ambtenaar kan denken en communiceren in termen van een gemeenschappelijk probleem in het stadsvernieuwingsgebied en een gezamenlijke zoektocht naar de optimale oplossing, ontstaat een nieuwe energie. Het kiezen van verbindende taal is geen garantie maar vergroot de kans op constructieve samenwerking aanmerkelijk.

Binnen de wereld van Seats2meet is verbindende taal mainstream: sociaal kapitaal, deeleconomie, serendipiteit, asynchrone reciprociteit etc. In de ‘nieuwe’ economie’ is dit ook het geval. Maar in veel bedrijven, organisaties en overheid is hier nog een wereld te winnen. Grappig is dat het woord ‘winnen’ in deze context wel gericht is op verbinding.

Landelijke Dag van de Loopbaan – ik doe mee!

Op zaterdag 26 september is de 2e landelijke Dag van de Loopbaan. De Dag van de Loopbaan is een initiatief van Noloc, de beroepsvereniging van loopbaanprofessionals.
Meer dan 200 Noloc erkende loopbaanprofessionals, verspreid over Nederland, zetten hun deuren open. Werknemers, werkgevers, werkzoekenden en studenten kunnen op deze dag individueel advies vragen of een workshop volgen. Een laagdrempelige manier om kennis te maken met een Noloc erkend loopbaanprofessional.
Ontdek wat de loopbaanprofessional voor jou kan betekenen. Lees hier de flyer

Heb jij nog werk?
Doe jij je werk met ZIN?
Kun je je nog ontwikkelen in je werk?

Ik bied die dag individuele adviesgesprekken op locatie van Peer!, een Seats2meet locatie, Maanlander 14a in Amersfoort. Voor 15,- krijg je een loopbaangesprek over wat jou bezig houdt met betrekking tot werk. Vorig jaar deed ik ook mee en dat leverde boeiende gesprekken op.
Gun je loopbaan een boost en maak een afspraak. Vooraf boeken is noodzakelijk.
Meer info en boeken op www.dagvandeloopbaan.nl
Dag van de Loopbaan 3

Democratie past niet in achterkamertjes

Op de opiniepagina van Trouw verscheen vandaag (24 juni) een bijdrage van mijn hand over de herziening van het belastingstelsel. Een pleidooi om een open debat te voeren en burgers erbij te betrekken. Klik hier voor de complete pagina experiment met democratie

Omdat de krantenpagina misschien minder prettig leest, hieronder de tekst:

Laat burger mee praten over belasting

Kabinet en coalitiepartijen zijn eruit. Een selectie uit de oppositie mag meepraten als ze maar niet al te kritisch zijn. Halbe Zijlstra meldt dat de ervaring leert dat een openbaar debat niet bijdraagt aan een oplossing. En openbaar lijkt dan alleen betrekking te hebben op een debat in de Tweede Kamer.
De ervaring leert vooral dat bij grote wijzigingen achteraf reparatiewetgeving nodig is om de onbedoelde effecten weer te corrigeren. Het kabinet zou ook kunnen profiteren van de wijsheid en ervaring die in de samenleving aanwezig is.

Een gedachte-experiment:

Stel dat we een G1000 organiseren zoals dat in België is geïnitieerd door David van Reybrouck; een initiatief dat in een aantal gemeenten in Nederland navolging heeft gekregen.
Persoonlijk was ik aanwezig bij de G1000 in Amersfoort. Een dag na de gemeenteraadsverkiezing mochten burgers – uitgenodigd op basis van loting – in gesprek over de agenda van de gemeenteraad voor de komende periode. Naast de burgers – die de meerderheid vormden – waren politici, ambtenaren en kunstenaars uitgenodigd.

Voor een landelijke G1000 zou je ook kunnen denken aan tienmaal een G100 verspreid over het land. We zijn gewend dat burgers geen andere stem hebben dan een vakje rood kleuren in het stemhokje. Het grote voordeel van loting is dat burgers nu echt stem krijgen. Aanvullend zouden economen, werkgevers, fiscalisten, filosofen etc. op basis van hun deskundigheid kunnen worden uitgenodigd.

De deelnemers beoordelen de voorstellen die er liggen. Wat zijn de onderliggende uitgangspunten? Bekend is al dat arbeid minder belast wordt en dat het stelsel eenvoudiger wordt. Welke uitgangspunten worden er verder gehanteerd? Gaan deze uitgangspunten ook daadwerkelijk gerealiseerd worden? Waar zitten mogelijke haken en ogen in de uitvoeringspraktijk?
Ik schat dat een tweedaagse sessie heel wat input oplevert waarmee de wetgever – en dus de samenleving – zijn voordeel kan doen.

De opbrengst

De opbrengst is daarmee tweeërlei: 1. Een kwalitatief betere wetgeving en 2. een experiment met een nieuwe vorm van democratie. Dit laatste geeft ook een impuls aan grotere betrokkenheid van burgers bij ‘Den Haag’.

 

Banengroei door subsidie op lonen?

Directeur Laura van Geest van het Centraal Planbureau (CPB) pleitte in Buitenhof van 26 april voor belastingkorting voor werknemers met lage inkomens. Doel is tweeledig: 1. Door het verschil tussen uitkering en loon groter te maken gaan meer mensen aan het werk en 2. Voor bedrijven worden deze werknemers voordeliger en dat leidt tot banengroei.
Minister Asscher reageert positief.

Ik dacht dat we het belastingstelsel zouden vereenvoudigen maar we maken het nog complexer en dan ook nog op basis van verkeerde verwachtingen.

Maak werk meer lonend

Alweer wordt gesuggereerd dat mensen wel aan het werk gaan als het verschil met de uitkering maar groot genoeg is. Hoeveel mensen solliciteren zich suf omdat ze zo graag weer aan het werk willen? Hoeveel werkzoekenden zijn er voor het beperkte aantal vacatures?
Kijk naar de ontwikkelingen in werk waarin steeds meer werk wordt gedaan door robots. Is het in Den Haag nog niet doorgedrongen dat er banen verdwijnen en dat dit niets te maken heeft met het verschil tussen lonen en uitkeringen.

Banengroei

Als er echt werk gemaakt gaat worden van banengroei dan moeten in de eerste plaats de lasten in het kader van ziekte en arbeidsongeschiktheid omlaag. Zolang werkgevers verantwoordelijk worden om tot 2 jaar loon door te betalen bij ziekte, hoef je niet te verwachten dat werkgevers staan te trappelen om meer mensen in loondienst te nemen.
Houd het eenvoudig en breng de doorbetaling van loon bij ziekte en arbeidsongeschiktheid terug tot bijvoorbeeld drie maanden. De kans is dan reëel dat werkgevers eerder besluiten om meer medewerkers in dienst te nemen.

Combineer dit met het afschaffen van belasting op lonen tot het niveau van het minimumloon en je zult zien dat de werkgelegenheid groeit. Tegelijk valt het onderscheid weg tussen zwart en wit werk met alle voordelen hiervan (kleiner controleapparaat en vermindering van administratieve lasten).

Minister Asscher, maak nu echt het verschil en blijf niet doormodderen op oude wegen.

 

Kansen op de arbeidsmarkt

arbeidsmarktperspectief

Kansrijke en kansarme beroepen

Mei 2014 publiceerde UWV de notitie Kansrijke beroepen: waar is de arbeidsmarkt krap? Eind 2014 verscheen een update aangevuld met een overzicht van de grootste overschotberoepen. De uiteindelijke overzichten zijn tot stand gekomen in afstemming met sectoren en intermediairs.

‘Krapteberoepen’ zijn de beroepen waarvoor meer vacatures zijn dan mensen die deze vacatures willen en kunnen invullen. Deze moeilijk te vervullen vacatures bieden dus goede kansen op werk (via omscholing).
De krapte op de arbeidsmarkt concentreert zich in techniek, ICT en een aantal specifieke niches. Het gaat hoofdzakelijk om beroepen op middelbaar, hoger en wetenschappelijk niveau.
Op dit moment is er op middelbaar niveau krapte in uitvoerende technische beroepen (diverse monteurs, cnc-verspaners, lassers) en technisch kader (tekenaars, constructeurs, calculators, technisch verkopers). Ook wordt er krapte gesignaleerd voor hoveniers en enkele medisch-technische beroepen (bijvoorbeeld opticien en audicien).
Op hoger en wetenschappelijk niveau zijn er, naast veel technische beroepen, ook signalen van krapte in andere richtingen, bijvoorbeeld bepaalde ICT-beroepen (programmeurs), het onderwijs (exacte vakken en talen) en specifieke financiële beroepen (bijvoorbeeld registeraccountants).
In de zorg zien we op dit moment alleen signalen van krapte in hele specifieke beroepen op hoger en wetenschappelijk niveau (bijvoorbeeld in de wijkverpleging, praktijkondersteuners, huisartsen of specialisten ouderengeneeskunde).
Op elementair en lager niveau zijn er geen beroepen met een tekort.

Voor de middellange termijn worden dezelfde beroepsgroepen genoemd. Voor de ICT en de technische sectoren wordt opgemerkt dat de tekorten de komende tijd alleen maar groter zullen worden. Daarnaast zijn er prognoses van krapte in andere beroepsgroepen, bijvoorbeeld de meer proces technische beroepen of productieplanners.

Overschotberoepen

Mensen in deze beroepen die op zoek moeten naar ander werk doen er dus goed aan hun horizon te verbreden, en ook te kijken naar andere beroepsrichtingen en (om)scholing. Een overstap van overschotberoep naar krapteberoep zal niet altijd realistisch zijn gezien het niveau en de fundamenteel andere beroepsrichting. Wel kan gekeken worden naar verwante beroepsrichtingen waar in ieder geval geen grote overschotten zijn. In de huidige situatie zijn veel beroepen te kenschetsen als overschotberoep.
Er kan overigens nog wel een grote vraag zijn naar een overschotberoep. Maar als er veel meer gegadigden zijn voor de vacatures wordt het toch kansarm. Zo kwam de administratief medewerker bij Randstad terecht op de lijst  van 24 meest gevraagde beroepen.

UWV stelde een lijst van 25 wensberoepen op (gemeten naar het aantal CV’s met dit wensberoep op werk.nl). Deze zijn vaker dan de krapteberoepen op lager niveau, zoals kantoorassistent, receptionist, administratief medewerker, conciërge, klassenassistent of medewerker facilitaire dienst.
Op middelbaar en hoger niveau gaat het in verschillende gevallen om economisch-administratieve beroepen. Veel banen verdwijnen of gaan nog verdwijnen als gevolg van de digitalisering. Dit geldt ook voor de verzekeringssector.
In zorg en welzijn verliezen met name veel helpenden, sociaal-cultureel werkers en kinderopvang-leid(st)ers hun baan. Dit is vooral het gevolg van bezuinigingen in deze sectoren.

Omscholing naar kansrijke beroepen

Sectorplannen kunnen werkzoekenden met een slecht arbeidsmarktperspectief en sectoren met krapte bij elkaar brengen. Projectmatig werken is hierbij van belang. In de jaren ’80 kenden we de Centra voor Vakopleiding waar werkzoekenden werden omgeschoold voor toen kansrijke beroepen. Naast technische functies waren toen ook de administratieve beroepen nog kansrijk. Het risico van dergelijke geïnstitutionaliseerde opleidingen is dat er een varkenscyclus ontstaat: door te veel mensen te scholen voor een sector met krapte ontstaat juist een overschot.
Op werk.nl is er een speciale pagina die verwijst naar beschikbare relevante arbeidsmarktinformatiebronnen over beroepen met goede kansen op werk. Aanvullend hierop kan er in het kader van de regeling cofinanciering 2015 gebruik worden gemaakt van ondersteuning op maat. Daarnaast beschikt UWV over arbeidsmarktinformatie op regionaal niveau, bijvoorbeeld de jaarlijkse uitgave Regio in beeld voor de 35 arbeidsmarkt-regio’s. Voor meer informatie lees hier.
Bij omscholingsprojecten is het vanzelfsprekend ook belangrijk om vooraf een goede selectie te maken of er een goede fit is tussen de werkzoekende, de opleiding en het toekomstige beroepsveld.

Welke beroepen bieden kansen?

  • Er is sprake van krapte in enkele uitvoerende technische beroepen: diverse soorten monteurs, maar bijvoorbeeld ook voor cnc-verspaners, gespecialiseerde lassers of pijpfitters industriële montage. Vaak is er ook een duidelijke link met het kunnen beheersen van computergestuurde technieken. Een aantal beroepen staat open voor mensen met een gerichte opleiding op mbo-niveau 2 en 3, soms is een opleiding op mbo-niveau 4 noodzakelijk.
  • Daarnaast gaat het om technisch kaderpersoneel: tekenaars, calculators, werkvoorbereiders. Over deze laatste beroepen wordt wel regelmatig opgemerkt dat niveau mbo-4 het minimum is; in toenemende mate wordt gezocht naar hbo’ers.
  • Hoveniers. Hierbij gaat het om de volleerd vakman. Er zijn indicaties dat zich ook in andere agrarische branches (varkensverbetering, paddenstoelteelt en open teelten bloembollen) veel moeilijk vervulbare vacatures voordoen, met name voor zelfstandig beroepsbeoefenaars/all-round medewerkers.
  • Een aantal technisch-medische beroepen: opticiens, audiciens, technisch oogheelkundig assistent, medewerker steriele hulpmiddelen.

Ook op hoger en wetenschappelijk niveau gaat het weer vaak om technische beroepen:

  • ontwerperconstructeurs, technisch opgeleide projectleiders/engineers (als meewerkend voorman), R&D-specialisten of bijvoorbeeld procestechnologen.
  • CT-beroepen: developer-programmeurs, specialisten Business Intelligence, security-specialisten, appdevelopers. Er is in toenemende mate behoefte aan mensen die kennis van ICT en business combineren, om de regierol tussen beiden optimaal te kunnen vervullen.
  • Specifieke beroepen in de zorg, bijvoorbeeld de wijkverpleegkundigen, praktijkondersteuners huisartsen en specifieke medisch-specialisten.
  • Financieel specialisten, als (register)accountants, auditors, fiscalisten, vermogensbeheerders, financial riskmanagers.
  • In het onderwijs lijken vooral problemen te bestaan met het aantrekken van docenten voor exacte vakken en talen, zowel 2e graads als 1e graads.
  • ICT: projectleider/meewerkend voorman elektrotechniek. Recruiters voor technische en ICT-beroepen.

Krapte op middellange termijn (2017-2019) Diverse arbeidsmarktprofessionals geven aan dat de krapte in de gesignaleerde beroepen de komende jaren nog wel zal voortduren als de economie blijvend aantrekt en de vergrijzing (uiteindelijk) leidt tot het vertrek van ervaren personeel. Vaak is de uitstroom uit het onderwijs onvoldoende om in deze vervangingsvraag te voorzien.
Demografische gegevens wijzen uit dat vergrijzing pas vanaf 2020 tot tekorten zal leiden (hoewel dat voor specifieke sectoren anders kan liggen). Meer hierover  De stijgende arbeidsparticipatie van vrouwen en ouderen compenseren tot 2020 nog de geringere instroom van jongeren.

Seats2Meet Amersfoort Noord blijft open!

Meeting peers is the best way to create opportunities’

Vanaf 1 februari hebben Sandra Barth en ik de Seats2Meet-locatie op Amersfoort Noord overgenomen van Elise de Bres en Tianne van Woudenberg. We draaien daar allebei al een tijdje mee: ik al vanaf het begin, zo’n 3,5 jaar en Sandra 1,5 jaar. Het is ons tweede huis, zeggen we wel eens. We zijn dan ook heel blij dat deze plek kan blijven bestaan en dat wij er een steentje aan bij mogen dragen dat het een nóg bruisender community wordt dan het is.

640x480_963e3d6f-6804-4f63-b6d3-67b8dec7dbc3

Peer!

We hebben gekozen voor de naam Peer! Dit komt van Peer2Peer, waar sprake is van een netwerk van gelijkgestemden. En dat hebben we in Amersfoort-Noord. Peer! met een uitroepteken, is dan ook te lezen als een werkwoord, waarbij je wordt opgeroepen om actief mee te doen in dit netwerk van gelijkgestemden. Onze slogan is ‘Meeting peers is the best way to create opportunities’. Opportunities om te verbinden, samen te werken en te groeien. Peer! is nog een kleine locatie met drie meeting spaces en zo’n 15 flexplekken. We zijn bezig om dit uit te breiden, daarover later meer.

Nieuwe samenleving

Het S2M-gedachtengoed is ons niet vreemd. De boeken Society3.0 en Serendipity Machine van Ronald van der Hoff hebben we verslonden en we leverden beiden een bijdrage aan verschillende initiatieven rond de nieuwe democratie. Ook volgen we de ontwikkelingen van Jan Rotmans en Nederland Kantelt op de voet. Sandra heeft organisaties geholpen met Het Nieuwe Werken, om meer als een netwerk te functioneren in plaats van de oude hark. Nu helpt ze bedrijven en start-ups in de IT zo disruptief mogelijk te zijn. En -vzoals voor lezers van deze blog bekend – zet ik me in om met mensen op zoek te gaan naar wat er voor hen echt toe doet en daarbij een baan/ werk te zoeken (of hun huidige baan te transformeren naar een baan waar ze weer energie van krijgen).

Droom

Amersfoort-Noord heeft de meeste ZP’ers van Amersfoort en er zijn ook veel professionals die bij ons komen werken op hun thuiswerkdag.  Werken op een Seats2Meetlocatie biedt het nieuwe werken toegevoegde waarde. We geloven in de potentie van onze locatie. We hebben al een hechte vaste club, maar deze mag nog verder groeien. Ook willen we events organiseren waarmee we innovatie en transformatie in de (Amersfoortse) samenleving kunnen stimuleren. Iedereen die daar aan mee wil werken of leuke ideeën heeft, is van harte welkom om met ons te overleggen of we hier een podium aan kunnen geven.

Schijn

Op het eerste gezicht lijkt het niet zo bruisend, als je op Noord binnenloopt. In de workspace zitten mensen hard te werken en af en toe wordt er wat gekletst. Maar schijn bedriegt. We lunchen altijd samen en onderzoeken waar we elkaar kunnen helpen of samenwerken. Hierdoor zijn al een aantal leuke samenwerkingen ontstaan.

Mesh

Deze samenwerkingsverbanden zijn ontstaan tussen de ZP’ers, professionals en bedrijven die hier komen. De mesh, waar Ronald van der Hoff het over heeft, begint zich al af te tekenen aan de horizon en begint langzaam te groeien. Dat is een prachtige manier om te bouwen aan de nieuwe samenleving! Het eerste jaar zullen we er naar streven zo veel mogelijk mensen kennis te laten maken met onze locatie en community. We dromen van een mesh waar zowel bedrijven, groot en klein, ZP’ers en professionals samen bouwen aan ideeën, innovatie en nieuwe samenwerkingsvormen.

Volg ons op Twitter en/of Facebook of word lid van onze LinkedIn groep om (ook) online verbonden te zijn met onze community.

De arbeidsmarkt in 2015 – trends en ontwikkelingen

De eerste lichting van generatie Z (geboren tussen 1994 en 2010) komt er aan.
Grote bedrijven scouten zelfs al leerlingen van de middelbare school om stage te komen lopen.
Tegelijk groeit het aantal jongeren dat de snelle ontwikkelingen niet kan bijbenen. Deze tweedeling gaat misschien wel gelijk op met het verdwijnen van banen in het middensegment.

Generatie Y (1982-1994) komt vanwege de digitale voorsprong versneld op leidinggevende posities maar mist nog wel competenties – of liever persoonlijke kwaliteiten – voor deze taken.
Tegelijk wordt de drang om te excelleren en aan verwachtingen te voldoen als zwaar ervaren. Krijgen zij nog de ruimte om stil te staan bij de vraag wat ze  echt willen? Het dertigers-dilemma?

Er lijkt een verschuiving op te treden in de waarden die bepalend zijn voor de bedrijfscultuur.
Waarden als eerlijkheid, vertrouwen en autonomie krijgen meer gewicht dan snel scoren en snelle winsten.

Er ontstaat een herwaardering voor ambachten door het tekort aan goed opgeleide vakmensen.
Samenwerking van bedrijven en onderwijsinstellingen wordt urgenter. De noodzaak om als bedrijf zelf mensen op te leiden neemt toe.

We werken langer door en het werk verandert steeds sneller.
Dit betekent dat er geïnvesteerd moet worden in loopbaancoaching. Het wordt voor zowel bedrijven als medewerkers steeds belangrijker om met enige regelmaat te beoordelen wat de ambities en ontwikkelvragen van medewerkers zijn. De noodzaak van ouderenbeleid wordt groter. Daarbij denken we niet aan voorzieningen als extra vrije dagen maar vooral aan tijdig switchen om ontwikkelde vaardigheden te benutten en fysieke belasting waar nodig te beperken.

Het aantal vrouwen met leidinggevende posities neemt in 2015 verder toe.
Ook het verschil in loon tussen mannen en vrouwen neemt af.

Vaste contracten worden vaker ingeruild voor flexibele contracten.
Vrijheid en autonomie worden belangrijker. Dankzij het internet kunnen werkers en recruiters elkaar gemakkelijker vinden. Vaker van baan wisselen, of werken als Zelfstandig Professional, betekent ook investeren in doorgaande ontwikkeling. Voor bedrijven wordt het belang van binden en boeien van medewerkers belangrijker.

Werving van personeel gaat vaker via social media.
Voor bedrijven wordt het belangrijker om – net als werkzoekenden – zichtbaar en vindbaar te zijn. Updates over activiteiten dragen hier aan bij en versterken het beeld van een open cultuur.

Maatschappelijke consequenties

Zoals ik in de eerste alinea schreef: de tweedeling in de maatschappij is reden voor zorg.
De banen in het middenkader verdwijnen. Er ontstaat een gat tussen de slimmeriken en de mensen die het tempo niet meer kunnen bijhouden. Deze ontwikkeling is al een tijdje zichtbaar in het groeiend aantal leerlingen in het speciaal onderwijs en de toename van het aantal jongeren (maar ook volwassenen) dat voor ‘stoornissen’ als ADHD en autisme behandeld worden.

Jobcarving is een vorm waarin bedrijven een bijdrage kunnen leveren om mensen die dreigen uit te vallen toch een volwaardige plek te geven. Een alternatief kan het basisinkomen zijn dat mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt in staat stelt om als vrijwilliger een zinvolle maatschappelijke bijdrage te leveren.

Gedroomde samenleving

wordleGC

Op 30 december werd in Trouw mijn reactie op een artikel geplaatst over oplossingen voor het fileprobleem onder de kop “De file is het echte probleem niet”.
Omdat het artikel in Trouw alleen bereikbaar is voor abonnees én omdat ik hierin het beeld schets van mijn ‘gedroomde samenleving’ nu voor iedereen leesbaar als blog.

Buiten het kader durven denken

Prima kop “De file is het echte probleem niet” (Trouw, De Verdieping van zaterdag 27 december) maar de oplossing wordt vooral gezocht binnen het bestaande kader.
Als we het fileprobleem plaatsen in het kader van de omslag van het industriële tijdperk naar het digitale tijdperk dan zien we dat de oplossing in een hele andere richting ligt. Veel banen verdwijnen door de technologische ontwikkelingen. Er kan meer ‘op afstand’ gewerkt worden – zelfs in sectoren als de zorg.

Neem de ruimte voor wat er echt toe doet

Er ontstaat dus ruimte om na te denken over wat we echt belangrijk vinden. Praat eens met mensen die ernstig ziek zijn (geweest), een wereldreis hebben gemaakt, een diepe existentiële crisis hebben doorgemaakt en je ontdekt dat economische belangen ergens onderaan bungelen op het lijstje van belangrijke zaken. Ja, bestaanszekerheid is belangrijk maar als daaraan in de basis is voldaan, dan zijn andere zaken en waarden veel belangrijker. Zaken die er echt toe doen.

Een 25-urige werkweek ligt binnen bereik dankzij allerlei digitale oplossingen. Als dat het punt op de horizon wordt, ontstaat er ruimte voor zaken als mantelzorg, vrijwilligerswerk. Het werk dat gedaan moet worden, kan eerlijker verdeeld waardoor niet de één (te) lange werkweken maakt en de ander zich suf solliciteert. Er ontstaat een ontspannen samenleving waarin mensen minder stress ervaren en minder ziek worden. Ik zie het ook om mij heen: zelfstandige professionals die er niet meer aan moeten denken om als interimmer dagelijks vroeg de deur uit te moeten en er ’s avonds laat weer in. Dan maar liever wat minder verdienen.

Dichtbij

En – in de context van het fileprobleem – ontdekken we dat de file grotendeels is opgelost. Mensen zitten nog maar twee of drie dagen op de weg naar hun werk in plaats van vijf. Of ze werken als ZP-er bij de dichtstbijzijnde Seats2Meet-vestiging waar ze op de fiets naar toe kunnen. Voedsel komt uit de streek, dat maakt dat het vervoer van producten teruggedrongen wordt. De deeleconomie draagt ook zijn steentje bij via auto-delen, peerby of de maaltijd die je buurman voor je kookt. Technologische oplossingen dragen bij door andere transportsystemen voor goederen (drones?).

Verlangen

Ik zie een samenleving waarin mensen verlangen naar ontspannen je geld verdienen (of toch basisloon?) en ruimte ervaren voor de zaken die er echt toe doen. De 25-urige werkweek past daar uitstekend bij en de file is echt het probleem niet meer.

Nederland kantelt

Op 27 november lanceerde hoogleraar transities Jan Rotmans in Pakhuis de Zwijger zijn nieuwe boek: Verandering van tijdperk, Nederland kantelt.verandering-van-tijdperk-w
Via lifestream was de bijeenkomst te volgen; het aantal beschikbare kaarten was al snel op.
De grote lijn van zijn verhaal: we zitten in een economische, ecologische en institutionele crisis en daarachter is sprake van een morele crisis. Crisis betekent kans, de kans om de beweging te maken naar nieuwe instituties en nieuwe vormen van samenwerking die we nodig hebben. De huidige instituties zijn ontstaan als antwoord op de industriële revolutie. Deze instituties voldoen niet meer in de huidige digitale revolutie. De netwerksamenleving vraagt om nieuwe flexibeler vormen. De menselijke maat moet weer terug. Het moet radicaal anders maar er is angst voor de echte verandering.

Volgens Rotmans zullen drie van de vijf grote organisaties gaan verdwijnen. Grote organisaties zijn gebaseerd op gestold wantrouwen. Er ontstaan veel burgerinitiatieven als antwoord op de behoeften van deze tijd; mogelijk gemaakt door de digitalisering. De coöperatie lijkt een belangrijk antwoord op de vraag naar nieuwe vormen.
Rotmans onderscheidt drie typen vernieuwers binnen de beweging naar een nieuw tijdperk: kantelaars, koplopers en vernieuwers. Deeleconomie ziet hij als een belangrijke bron van vernieuwing. Je moet wel samenwerken en kennis delen om tot innovatieve concepten te komen. In je eentje red je het niet meer. Patenten en octrooien hebben hun langste tijd gehad. Innovaties komen beschikbaar en anderen kunnen er op doorbouwen.
Freek de Jonge sprak ook. Een paar regels uit zijn voordracht:

wees niet bang, je mag opnieuw beginnen /

wees niet bang voor al te grote dromen /

wees niet bang voor wat ze van je vinden.

Tegenlicht over de deeleconomie

Drie dagen later was de deeleconomie onderwerp van de uitzending van Tegenlicht.
Hier werd een andere kant belicht van concepten als Uber en Airbnb. [Uber is een internetonderneming die personenvervoer aanbiedt in verschillende landen. Het bedrijf verbindt via zijn mobiele app klanten in 42 landen met officiële taxichauffeurs, maar ook met privéchauffeurs.]
Er wordt niet gedeeld van overvloed maar er ontstaat een nieuwe werkende klasse die niet beschermd wordt, geen minimuminkomen heeft etc. Het idee achter Uber: je hebt een plek over in je auto en stelt die beschikbaar en op dat moment ben je taxi. De praktijk is dat mensen zonder werk een autootje kopen en voor Uber gaan taxiën. Uber kan, als de hype op zijn hoogst is, de tarieven terugschroeven en zelf cashen op de beurs.
Via Airbnb verhuren particulieren een logeerkamer aan onbekenden. Airbnb is hiermee de grootste ‘hotelketen’. Je kunt meedraaien in concepten als Uber en Airbnb door je gegevens beschikbaar te stellen. Immers je persoonlijke gegevens vormen de basis voor vertrouwen tussen deelnemers die elkaar niet kennen. En deze persoonlijke gegevens zijn geld waard voor de eigenaren van de ondernemingen.
De boodschap: wees waakzaam!! Kijk bij nieuwe concepten goed naar de belangen en verdienmodellen. Wat zijn de consequenties voor de deelnemers.

In de bijeenkomst gaf Jan Rotmans nog hoog op over initiatieven als Uber. Ik ben benieuwd of hij Tegenlicht heeft gezien en nog steeds enthousiast is. Peerby is ook een prachtig initiatief: je leent spullen van mensen bij jou in de buurt. Vooral handig voor spullen die je maar zelden gebruikt. Maar nog even en dan is deze startup ook veel geld waard op de beurs.
Nieuwe initiatieven lijken op deze manier vervormd te worden door het Angelsaksische denken. Het lijkt een 19e eeuws kapitalisme waarin de ondernemer rijk wordt en de werknemer uitgebuit. Ik ben niet gecharmeerd van vakbonden maar er ontstaat een nieuwe markt.
De les die hier geleerd kan worden: onderzoekt alle dingen en behoudt het goede. Niet alles wat nieuw is en gebaseerd op de deeleconomie, is het waard om omarmd te worden. Ook de beweging van kantelaars en koplopers moet scherp en kritisch blijven op nieuwe ontwikkelingen en initiatieven.

Coöperaties

Het meest kansrijk lijken kleinschalige initiatieven. Een van de betere voorbeelden vind ik de broodfondsen. 20 – 50 mensen verenigen zich in een coöperatie en zijn elkaars verzekering bij ziekte en arbeidsongeschiktheid. Kleinschalig genoeg om te kunnen werken op basis van vertrouwen in plaats van controle. Geen verdienmodel en de menselijke maat is gegarandeerd. Tegenover globalisering zoeken we de versterking van kleine verbanden. Geen ingewikkelde producten maar eenvoudige verbindingen tussen mensen. Voor iedereen te begrijpen. De inspanningen van deelnemers zijn in principe gelijk maar ook het profijt.

Toch even terug naar de bijeenkomst met Jan Rotmans.
Twee vragen werden gesteld: 1. wat voor samenleving willen we en 2. Op welke manier willen we ons geld verdienen?
Dan denk ik aan het onderzoek waaruit bleek dat vrijwilligerswerk voor mensen met een bijstandsuitkering de afstand tot de arbeidsmarkt vergroot in plaats van verkleind. Een verrassende uitkomst maar toch ook weer niet. Mensen verbinden zich met de organisatie waar zij hun vrijwilligerswerk doen en ervaren het vaak als meer zinvol dan het werk dat ze voorheen betaald deden. En – niet onbelangrijk – het tempo ligt vaak wat lager: onthaasting. Er is tijd voor wat er echt toe doet, voor bijv. menselijk contact als je vrijwilligerswerk doet in de zorg.

Ik denk dat dit onderzoek aantoont wat voor samenleving we willen. Een basisinkomen voor iedereen kan het mogelijk maken dat we van waarde zijn, waardevol werk doen en ontspannen kunnen leven. Intussen kunnen we het verlies van banen als gevolg van automatisering dankbaar omarmen.

 

Basisinkomen voor een leefbare toekomst

Op 23 september was ik bij een Meetup over het basisinkomen naar aanleiding van de uitzending van Tegenlicht op 21 september. Na het bekijken van de uitzending hielden een paar jonge studenten een kort verhaal over de mogelijkheden en voordelen van een basisinkomen. Ik was onder de indruk van de goed onderbouwde presentaties van deze jongeren (22 jaar) die zich zeer goed hadden verdiept in de economische ontwikkelingen.
Eén van hen schetste wat er gebeurt als we weer op 3% groei zitten (streefcijfer om de schulden/ overheidstekorten beperkt te houden).

Meetup over basisinkomen

Kleine correctie: bij een groei van 3% is in 2114 de economie zelfs 18 keer zo groot als nu.
Onheilsprofeten zijn er in het verleden genoeg geweest maar deze ontwikkeling vraagt echt om een kentering.
Veel vragen over het basisinkomen worden hier beantwoord.

Eén van de voordelen die niet op deze website worden genoemd, is dat de samenleving er veel eenvoudiger door wordt. De huidige samenleving wordt steeds complexer. De complexiteit sluit mensen uit.
Mensen vallen uit omdat alles te ingewikkeld wordt of omdat ze overprikkeld raken.
Mensen vallen uit omdat ze de druk van steeds meer moeten presteren niet aan kunnen.
Kijk naar alle kinderen (en volwassenen) die ritalin slikken om aangepast te worden aan het systeem. Wat zou er gebeuren als we kinderen niet afremmen maar uitnodigen om hun creativiteit te ontwikkelen?
Wat zou de samenleving er een stuk vriendelijker vriendelijk uitzien als mensen tijd hebben om zinvol vrijwilligerswerk te doen in plaats van geestdodend werk. Dat laatste kan immers prima worden overgenomen door automatisering en robots die ook steeds meer denkkracht leveren.