Wetenschap en de wereld van alledag

Is wetenschap toch een ivoren toren waar in wetenschappelijke tijdschriften gedegen onderzoek wordt gepubliceerd of is het ook een taak van de wetenschap om te corrigeren als er beleid wordt gemaakt op basis van verkeerde aannames?

Alom wordt aangenomen dat er krapte ontstaat op de arbeidsmarkt bij vertrek van de babyboomgeneratie. Belangrijke bron voor deze opvatting is het rapport van de commissie Bakker “Naar een toekomst die werkt”, juni 2008.
Mijn onderzoek naar het effect van de stijgende arbeidsparticipatie op deze ontwikkeling brengt mij in contact met wetenschappers van het CPB en de universiteit. Deze wetenschappers hebben een veel genuanceerder beeld van de ontwikkelingen. Paul de Beer (UvA) geeft aan dat de vraag naar arbeid zich zal aanpassen aan de op termijn krimpende beroepsbevolking. Hij wijst in dit verband o.a. op Duitsland waar de bevolking al een aantal jaren krimpt maar de werkloosheid niet daalt. Ook het CPB is het niet eens met de verwachte krapte en gaat er ook vanuit dat de arbeidsmarkt zich aanpast bij de nieuwe situatie.
Tegelijk proberen wetenschappers wel uitspraken te doen over lange-termijn-ontwikkelingen tot 2050. Ik zou mij daar niet aan durven wagen.

Wat mij als mens uit de praktijk verbaast, is dat er uit de wereld van wetenschap zo weinig reactie komt als aannames over krapte op de arbeidsmarkt alom een eigen leven gaan leiden. Er wordt beleid gemaakt op basis van een aanname die op zijn minst discutabel is.
Is wetenschap toch een ivoren toren waar in wetenschappelijke tijdschriften gedegen onderzoek wordt gepubliceerd of is het ook een taak van de wetenschap om te corrigeren als er beleid wordt gemaakt op basis van verkeerde aannames.
Ik realiseer mij weer waarom ik destijds al snel uit de wereld van wetenschappelijk onderzoek ben gestapt. Ik wil werken met wetenschap en kennis die maatschappelijk relevant is en als zodanig haar invloed laat gelden.